Het huidige programmaperiode 2014 – 2020 van het Europees Sociaal Fonds (ESF) laat een goede voortgang zien volgens de update tot en met 2018 van SZW. Er worden resultaten geboekt op de drie hoofdthema’s van het programma:

1. Arbeidstoeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt;
2. Het duurzaam inzetbaar houden van werkenden;
3. Het tegengaan van de mismatch op de arbeidsmarkt in de grote steden.

De Europese Commissie heeft haar voorstellen voor het meerjarig financieel kader (MFK) voor de periode na 2020, (2021-2027) voor een toekomstig ESF-programma, genaamd ESF+, gepubliceerd. Met het voorstel van de Europese Commissie wordt het belang om te blijven investeren in menselijk kapitaal van kwetsbare groepen benadrukt én de toegevoegde waarde die ESF+ kan bieden om sociale inclusie in de lidstaten verder te bevorderen.

Het kabinet zal voor de periode 2021-2027 het ESF+ in Nederland blijven inzetten op het investeren in de arbeidsmarktparticipatie en sociale inclusie van kwetsbare groepen en op de integratie van statushouders. Het kabinet geeft daarbij aan gebruik te willen blijven maken van de bestaande uitvoeringsstructuur. Kortom: SZW voert het nationale ESF+ programma uit. De bedragen die beschikbaar zullen worden gesteld voor ESF+ vanuit Europa zijn nog niet definitief. Maar de Brusselse cofinanciering van ESF+ daalt vrijwel zeker van 50 naar 40 procent. Daarnaast gaat het totaal te besteden bedrag voor Nederland naar alle waarschijnlijkheid omlaag. Waar de gemeenten en arbeidsmarktregio’s, UWV en het ministerie van Justitie over 2014-2020 363 miljoen ontvangen, wordt nu gesproken over 226 miljoen: bijna 40% daling ten opzichte van de vorige periode. Als die 226 miljoen cofinanciering van 40 procent is, betekent dat voor gemeenten eigen uitgaven ter hoogte van 340 miljoen.

EU begroting

Het definitief bedrag is pas bekend wanneer de Europese begroting wordt vastgesteld. Die Europese begroting wordt door de lidstaten vastgesteld. De begrotingstop in februari is, zoals bekend, mislukt. De bijdrage van de lidstaten bedroeg tussen 2014 en 2020 1,16 procent van het bruto nationaal inkomen. Nederland bijvoorbeeld wil dat de bijdrage naar 1 procent gaat. Ook andere landen eisen een lager percentage dan de door de Europese Commissie voorgestelde percentage van 1,11 voor de periode 2021-2027. Er wordt dus nog verder onderhandeld.

Voor gemeenten brengt dit onzekerheden en risico‘s met zich mee met betrekking tot de begroting 2021 en de financiering en planning van ESF+ projecten.